Belastingpatroon en egress geven de doorslag
Voor een hostingbedrijf is dit geen geloofskwestie. Je weet al hoe je hardware draait. De vraag is of je belastingprofiel en je egressrekening eigen ijzer goedkoper maken dan huren, en bij welke omvang dat omslaat.
We draaien allebei. Serverside.com en Host Havoc hebben racks in productie en gebruiken daarnaast cloud, en die verdeling is in de loop van de tijd verschoven in plaats van in één keer bepaald.
Wanneer eigen ijzer wint
- Vlakke belasting. Schommelt je bezetting over een week binnen twintig procent, dan betaal je in de cloud een meerprijs voor elasticiteit die je nooit gebruikt.
- Veel egress. Dit weegt het zwaarst. In de cloud betaal je egress per gigabyte, in colocatie per vastgelegde gigabit, en boven een paar tientallen terabytes per maand lopen die twee hard uiteen.
- Voorspelbare groei. Weet je wat je de komende achttien maanden aan capaciteit nodig hebt, dan koop je daar de hardware voor en schrijf je die netjes af.
- Workloads met veel opslag. Disk is het goedkoopste wat je kunt bezitten en een van de duurdere dingen die je kunt huren.
- Je hebt al beheer in huis. Vervangt iemand in je team nu al om twee uur ’s nachts een disk, dan zijn de extra kosten van een rack veel lager dan de spreadsheet doet vermoeden.
Wanneer eigen ijzer niet wint
We zeggen het als het antwoord cloud is, of als je één of twee units nodig hebt in plaats van een rack. We doen eigen racks, cages en suites. Voor alles wat kleiner is, verwijzen we je naar een betere plek.
- Grillige belasting. Echte pieken van tien keer de basislast, door het seizoen of een evenement, zijn precies waar de cloud goed in is.
- Kleine footprint. Onder ongeveer één vol rack verdien je de vaste kosten (remote hands, spares, de minimale cross-connects, je eigen tijd) niet terug.
- Geen beheerteam. Colocatie is geen managed dienst. Is niemand verantwoordelijk voor de levenscyclus van de hardware, dan gaat de besparing op aan incidenten.
- Onzekere roadmap. Kun je je capaciteit geen achttien maanden vooruit vastleggen, teken dan geen contract van zesendertig maanden.
- Managed diensten die je zou moeten nabouwen. Een managed database die je vervangt door twee mensen en een runbook is geen besparing.
Een rekenvoorbeeld
Neem een middelgrote hostingworkload: 80 dual-socket servers, vier racks, 5 kW vastgelegd vermogen per rack, een looptijd van 36 maanden, ongeveer 200 TB egress per maand en 400 TB bruikbare opslag. Elk aandeel hieronder is indicatief en afgerond. We laten de verhoudingen zien, geen bedragen, want daar gaat het om. Bedragen voor jouw workload krijg je op aanvraag.
- Colocatie per maand
- Hardware, afgeschreven over 48 maanden (langer dan de looptijd van 36 maanden, omdat de servers het contract overleven): iets meer dan de helft. De colocatie zelf: ongeveer een kwart. Remote hands, spares en beheertijd: ongeveer een zevende. Transit en IX: de resterende 5 procent
- Cloudequivalent per maand
- 80 instances op een driejarige commit, elk kleiner dan de dual-socket server die hij vervangt: iets meer dan de helft. Egress: ongeveer een kwart. Objectopslag: ongeveer een vijfde. Het totaal komt uit op ruwweg 1,8 keer de colocatiekolom
- Verschil
- Ongeveer 44 procent van de cloudrekening, waarvan egress en opslag meer dan de helft uitmaken
- Omslagpunt
- Rond één tot twee racks en 20 tot 30 TB egress per maand, afhankelijk van hoeveel van je eigen tijd je meerekent
Twee invoerwaarden die de uitkomst omdraaien
Verlaag de egress naar 20 TB per maand en het verschil krimpt tot iets waar de financiële afdeling twee kanten op over kan discussiëren. Maak de belasting grillig en de colocatiekolom moet op de piek worden gedimensioneerd, de cloudkolom niet. Dat kost het grootste deel van wat er nog over was.
Dat is de hele methode. Reken de twee of drie invoerwaarden door die het zwaarst op je rekening drukken, en laat de rest voor wat het is. De opbouw van de rackprijs staat in de notitie over onderhandelen over een rackprijs.
Egress bepaalt het omslagpunt
Reken je maar één post door, neem dan deze. In colocatie koop je een commit van een gigabit en betaal je daarvoor elke maand hetzelfde bedrag. Elke extra terabyte is dan bijna gratis tot je tegen die commit aanloopt. In de cloud betaal je per gigabyte, altijd, met kortingen die de curve afvlakken maar de vorm niet veranderen.
Bij een hostingbedrijf groeit egress meestal mee met de omzet. De cloudrekening groeit dus in ongeveer hetzelfde tempo mee, terwijl de colocatierekening in stappen stijgt, telkens als je een rack bijplaatst of een commit verhoogt. Over drie jaar zijn dat twee verschillende bedrijven.
Juist hier helpt Amsterdam. Zit je op één cross-connect van de exchanges, dan kan een flink deel van je verkeer via peering lopen in plaats van via transit, en dat drukt de goedkoopste post nog verder. Daar draait een footprint met AMS-IX-colocatie om.
Hybride: meestal het juiste antwoord
Bijna niemand met wie we werken zit volledig aan één kant. Het patroon dat steeds weer werkt: vlakke belasting en veel egress op eigen ijzer, grillige en experimentele workloads in de cloud, en disaster recovery in de omgeving die je niet voor productie gebruikt.
- Basiscapaciteit in colocatie, gedimensioneerd op het vlakke deel van je curve.
- Pieken en seizoensdrukte in de cloud, met de images al gebouwd en getest.
- Objectopslag waar die voor jouw toegangspatroon het goedkoopst is, en dat is niet altijd waar de compute staat.
- Control plane en CI in de cloud, want die belasting is klein en grillig.
- Een exitplan op papier, aan beide kanten. Een colocatiecontract waar je niet uit komt en een cloudfootprint die je niet kunt verhuizen, zijn hetzelfde probleem.
Hoe je dit in een week beslist
Verzamel twaalf maanden egress in gigabytes, je p50- en p95-bezetting en je huidige cloudfactuur, uitgesplitst per post. Zet daar de prijs van een footprint van vier racks tegenover. Is het verschil kleiner dan twintig procent, blijf dan waar je zit: de verhuizing is het risico niet waard. Is het groter dan veertig procent, begin dan.
Stuur ons de cijfers, dan werken wij de colocatiekant goed uit, met offertes van twee of drie operators. Je tekent rechtstreeks bij het datacenter, en we zetten er hoe dan ook niets bovenop.
